Bronnen

Vet

Vet is een bron van energie (calorieën), belangrijke vitaminen en essentiële vetzuren. Essentiële vetzuren, zijn vetzuren we zelf niet kunnen aanmaken, terwijl het lichaam ze wel nodig heeft om normaal te kunnen functioneren. Dit betekent dat ze via de voeding moeten worden ingenomen. Voorbeelden zijn linolzuur en de omega-3 vetzuren.

Verzadigd en Onverzadigd, fout en goed?

Vet wordt onderscheiden in onverzadigd en verzadigd vet. Dat heeft te maken met de manier waarop de vetten zijn opgebouwd. Ter bescherming van hart en bloedvaten is het belangrijk producten te kiezen die zo min mogelijk verzadigd vet bevatten.

Verzadigd
(‘verkeerd’) vet verhoogt het cholesterolgehalte in het bloed en vergroot daarmee de kans op hart- en vaatziekten. Verzadigd vet zit vooral in harde margarine, hard frituurvet en ‘verborgen’ in vet vlees, volvette zuivel, roomboter, chocolade, koek, gebak, snacks en zoutjes.
Onverzadigd
vet verlaagt het cholesterolgehalte. Olie, margarine uit een kuipje, halvarine, vloeibaar bak-, braad- en frituurvet, vette vis, noten en pinda’s bevatten meer onverzadigd dan verzadigd vet.
Transvet
vormt een uitzondering: het is zelfs nog slechter dan verzadigd vet. Het komt voor in producten met gedeeltelijk gehard vet zoals in koek en gebak. Het ontstaat in de fabriek wanneer zacht vet en olie ‘harder’ worden gemaakt.

Bij een gezond eetpatroon komt tussen de twintig en veertig procent van de calorieën uit vet. Om de kans op hart- en vaatziekten te verlagen, is het van belang te kiezen voor producten met zo min mogelijk verzadigd vet en geen of weinig transvet. Dat kan door:

  • zachte en vloeibare soorten vet te kiezen, zoals margarine uit een kuipje, halvarine, olie of vloeibare bak- en braadproducten
  • magere varianten te nemen van melk(producten) en vlees(waren)
  • niet te veel vette tussendoortjes te eten, zoals chocolade, koek, gebak, snacks en zoutjes.
  • Minimaal 2 keer per week (vette) vis te eten. De gunstige effecten van vis zijn waarschijnlijk toe te schrijven aan de omega-3-vetzuren (EPA en DHA), voornamelijk te vinden in vette vis (zalm, tonijn, sardine, haring). Mogelijk is er ook effect van andere bestanddelen van vis waardoor het nemen van visoliecapsules geen vervanging is van verse vis.

Vis heeft nog meer voordelen. Zwangere vrouwen die minstens een keer per week vis eten, hebben minder risico op een vroeggeboorte en baby’s met een laag geboortegewicht. Visvetten zijn ten slotte cruciaal voor de ontwikkeling van de hersenfuncties.

Door een deel van de calorieën uit verzadigd vet in te wisselen voor onverzadigd vet, daalt de kans op hart- en vaatziekten sustantieel.